Het-Wij-Ik

Afgelopen dagen heb ik het nieuwe boek van Daniel Ofman, “Het is niet te geloven”, gelezen. Hij werkt in het boek zijn modelletje mbt Het-Wij-Ik uit. Dat model zat wat verstopt in het ‘kernkwaliteitenboek’. Nu heeft hij het uitgewerkt en handen en voeten gegeven.
Ik moet zeggen dat ik onder de indruk ben. Een simpel modelletje met heel veel kanten en aspekten. Ik denk dat ook dit model belangrijk gaat worden. Belangrijk is zijn stelling dat je altijd tegelijk vanuit de drie invalshoeken, de drie ‘lenzen’ Het-Wij-Ik moet denken, voelen en handelen. Mensen hebben in het algemeen de neiging om sterk te focussen vanuit slecht één lens, waardoor allerlei belangrijke aspecten vergeten of onder de voeten gelopen worden. In bedrijfskundige opleidingen, is Ofman’s stelling en daarmee kom ik bij het Rijnland, wordt het Het-aspect benadrukt: rationeel, objectief, meten=weten, planning, korte termijn gericht enz. Die opleidingen veronachtzamen de Wij-kant, de organisatievultuur, waarden, klimaat, het groepsgebeuren, en de Ik-kant, waar sta je voor, wat zijn je kwaliteiten, waar wordt je door geïnspireerd, de intuïtie en het subjectieve.
Het Rijnlandse komt ook om de hoek als hij het heeft over het aanpakken van problemen. Uiteraard moet je naar een probleem vanuit drie lenzen kijken. Hij geeft ook verdere tips. Een “het-probleem” zou je moeten aanpakken door het duurzaamheidaspect te benadrukken. Je wordt dan gedwongen om de beperkte het-blik te verruimen naar alle ander betrokken partijen en aspecten en lange termijn perspectieven. De aanpak van een “wij-probleem” moet je verruimen door inclusiviteit. Niet meer met je eigen beperkte groep bezig zijn, maar ook andere groepen, afdelingen, belanghebbende betrekken. Een “ik-probleem” moet je aanpakken door zelfverantwoordelijkheid te benadrukken. Niet alleen te kijken naar de anderen, de buitenwereld die de schuld is van alles, maar ook kijken naar jouw eigen rol in het probleem.
Kijk eens op de website van het bedrijf van Ofman www.corequality.nl onder “wie zijn wij”.Het model wordt daar uitgewerkt.
Interessant aan het boekje is dat hij goed en duidelijk een model neerzet en het boekje daarna verwatert in wat onsamenhangende, losse hoofdstukjes. Ofman had dat ook al met zijn ‘kernkwaliteitboek’. Gek, niet.
 
In de vakantie las ik nog twee andere boeken: “Presence” van Senge en anderen (nu ook in Nederlandse vertaling) en “Het poëtische argument” van Jos Kessels. Zoals Ofman benadrukt dat ook de Ik-lens belangrijk is, benadrukken ook Senge e.a. het “innerlijk weten”, het zelf en de eigen wil en Kessles “iets dat klaar ligt waarvan ik niet wist dat het klaar lag” , “een gevoel van herkenning van ‘ja , zo is het’, dat tegelijk een weten en niet-weten inhoudt”. Het lijkt er op dat het spirituele, in de zin van bij je eigen wezen, bij jezelf blijven, leven volgens je innerlijke waarheid, steeds belangrijker wordt in managementliteraratuur. Betekent dit dat er een omslag in het managementdenken en -handelen, een verschuiving richting Rijnland aankomt?
 
Met vriendelijke groeten,
 
Nol Hovens, 22 aug. 2006

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *